Naar de inhoud

Woordenschat · A2

Gemeente en overheid.

Wil je een paspoort aanvragen of een brief van de belasting lezen? Dan heb je de woorden van de overheid nodig. Hier leer je ze. Ze komen ook vaak voor bij KNM.

Oefen met flashcards

Je ziet een Nederlands woord. Weet je wat het betekent? Draai de kaart om en kijk of je het goed had. Daarna kies je: ken ik, of nog niet.

Kaart 1 van 490

Alle woorden van dit thema

Een zelfstandig naamwoord leer je altijd met de of het erbij. Dat heb je nodig om goede zinnen te maken.

  1. de gemeentethe municipality

    Ik moet naar de gemeente voor een paspoort.

  2. het gemeentehuisthe town hall

    Ik haal mijn paspoort op bij het gemeentehuis.

  3. het stadhuisthe city hall

    Het stadhuis is in het centrum.

  4. de burgemeesterthe mayor

    De burgemeester opent het nieuwe park.

  5. de ambtenaarthe civil servant

    De ambtenaar helpt mij bij het loket.

  6. het loketthe counter

    U kunt zich melden bij loket één.

  7. de instantiethe authority

    De juiste instantie helpt je met je vragen.

  8. de overheidthe government

    De overheid maakt de regels voor het hele land.

  9. de briefthe letter

    Ik kreeg een brief van de gemeente over mijn aanvraag.

  10. de documententhe documents

    Breng alle documenten mee.

  11. het IDthe ID

    Neem altijd een geldig ID mee naar het loket.

  12. de legitimatiethe identification

    Heeft u een geldige legitimatie?

  13. geldigvalid

    Mijn paspoort is nog vijf jaar geldig.

  14. verlengento renew

    Ik moet mijn rijbewijs dit jaar verlengen.

  15. het rijbewijsthe driver's license

    Mijn rijbewijs is nog geldig.

  16. aanvragento apply for

    Ik ga een vergunning aanvragen.

  17. de aanvraagthe application

    Mijn aanvraag voor een uitkering is goedgekeurd.

  18. de vergunningthe permit

    Ik heb een vergunning nodig om te verbouwen.

  19. regelento arrange

    Ik moet mijn papieren regelen.

  20. tekenento sign

    U moet het contract onderaan tekenen.

  21. de termijnthe deadline

    De termijn om te betalen is twee weken.

  22. de toeslagthe allowance

    Je kunt een toeslag aanvragen voor de huur.

  23. de belastingthe tax

    In Nederland betaal je belasting.

  24. de aangiftethe declaration

    Ik doe elk jaar aangifte van mijn inkomen.

  25. aangevento report

    U moet uw nieuwe adres bij de gemeente aangeven.

  26. de wetthe law

    Iedereen moet zich aan de wet houden.

  27. de regelthe rule

    Wat is de regel voor parkeren?

  28. verplichtmandatory

    Inburgering is verplicht.

  29. verbodenforbidden

    Roken is hier verboden.

  30. de boetethe fine

    Ik krijg een boete voor te hard rijden.

  31. de politiethe police

    De politie helpt bij een ongeluk.

  32. de agentthe police officer

    De agent hielp ons de weg te vinden.

  33. de rechterthe judge

    De rechter luistert naar beide mensen.

  34. de rechtbankthe court

    Hij moet morgen naar de rechtbank komen.

  35. de inburgeringthe civic integration

    De inburgering duurt drie jaar.

  36. de burgerthe citizen

    Elke burger moet zich aan de wet houden.

  37. de inwonerthe inhabitant

    Elke inwoner van de stad mag stemmen.

  38. stemmento vote

    Ik ga stemmen bij de verkiezingen.

  39. de verkiezingenthe elections

    In maart zijn er verkiezingen voor de gemeente.

  40. de regeringthe government

    De regering maakt nieuwe regels voor de scholen.

  41. de ministerthe minister

    De minister praat op televisie over het werk.

  42. de koningthe king

    De koning houdt elk jaar een toespraak.

  43. de koninginthe queen

    De koningin staat naast de koning op de foto.

  44. de provinciethe province

    Utrecht is een kleine provincie in Nederland.

  45. de hoofdstadthe capital

    Amsterdam is de hoofdstad van Nederland.

  46. de grondwetthe constitution

    In de grondwet staat dat iedereen gelijk is.

  47. de vrijheidthe freedom

    In Nederland heb je vrijheid om je eigen geloof te kiezen.

  48. het rechtthe right

    Iedereen heeft het recht om naar school te gaan.

  49. de discriminatiethe discrimination

    Discriminatie op het werk is verboden.

Handige zinnen aan het loket

Bij de gemeente maak je meestal eerst een afspraak. Aan het loket helpen deze zinnen je.

Ik wil een nieuw paspoort aanvragen.
zeg waarvoor je komt
Welke documenten moet ik meenemen?
vraag het voor je afspraak
Mijn ID-kaart is niet meer geldig.
dan vraag je een nieuwe aan
Waar moet ik tekenen?
bij een formulier
Inburgerings
cursus.nl

Meer woorden leren met Inburgeringscursus.nl

Deze woorden komen uit de woordtrainer van Inburgeringscursus.nl, een online cursus voor het inburgeringsexamen. Op deze site oefen je per thema. In de cursus oefen je alle woorden, van A2 tot B2.

  • Ruim 3.000 woorden, met uitspraak bij elk woord en elke zin.
  • Elk woord komt terug op het moment dat je het bijna vergeet.
  • Je ziet welke woorden je nog lastig vindt.

De cursus is betaald. De woordenlijsten op deze site blijven gratis.

Bekijk de cursus

Inburgeringsexamen.nl is de gratis gids van Inburgeringscursus.nl.