Woordenschat · A2
Lichaamsdelen, van hoofd tot teen.
Bij de huisarts moet je kunnen zeggen waar je pijn hebt. Daarvoor heb je de namen van de lichaamsdelen nodig. Hier leer je ze, met de of het erbij. Ook leer je woorden om iemand te beschrijven.
Oefen met flashcards
Je ziet een Nederlands woord. Weet je wat het betekent? Draai de kaart om en kijk of je het goed had. Daarna kies je: ken ik, of nog niet.
Alle woorden van dit thema
Een zelfstandig naamwoord leer je altijd met de of het erbij. Dat heb je nodig om goede zinnen te maken.
- het lichaamthe body
Rusten is goed voor je lichaam.
- het hoofdthe head
Mijn hoofd doet pijn.
- het gezichtthe face
Zij heeft een vriendelijk gezicht.
- het haarthe hair
Mijn haar is vandaag heel kort.
- het oogthe eye
Ik zie met mijn ogen.
- het oorthe ear
Ik luister met mijn oren.
- de neusthe nose
Mijn neus is verstopt door de verkoudheid.
- de mondthe mouth
Eet met je mond dicht.
- de tandthe tooth
Ik poets elke avond mijn tanden.
- de lipthe lip
Mijn lippen zijn droog in de winter.
- de tongthe tongue
De soep was zo heet dat ik mijn tong brandde.
- de wangthe cheek
Oma geeft een kus op mijn wang.
- de keelthe throat
Ik heb pijn in mijn keel.
- de nekthe neck
Mijn nek is stijf na het slapen.
- de schouderthe shoulder
De dokter kijkt naar mijn linkerschouder.
- de armthe arm
Mijn arm is gebroken.
- de elleboogthe elbow
Ik stootte mijn elleboog tegen de tafel.
- de handthe hand
Was je handen met zeep.
- de vingerthe finger
Ik heb mijn vinger gesneden in de keuken.
- de borstthe chest
Ik voel pijn op mijn borst.
- de buikthe stomach
Ik heb buikpijn.
- de rugthe back
Mijn rug doet pijn door het werk.
- de navelthe belly button
De baby wijst naar zijn navel.
- het beenthe leg
Ik heb pijn in mijn been.
- de kniethe knee
Mijn knie doet pijn na het hardlopen.
- de voetthe foot
Mijn voet doet pijn bij het lopen.
- de teenthe toe
Ik heb mijn teen gestoten tegen de tafel.
- het hartthe heart
Mijn hart klopt heel snel.
- de spierthe muscle
Na het sporten doet elke spier pijn.
- de huidthe skin
In de zon wordt mijn huid snel rood.
- de stemthe voice
Hij heeft een lage stem.
- de lengtethe height
Wat is uw lengte in centimeters?
- het gewichtthe weight
De dokter noteert mijn gewicht.
- dikfat
De kat is een beetje dik.
- dunthin
Hij is lang en dun.
- sterkstrong
Mijn opa is nog heel sterk.
- jongyoung
Zij ziet er nog heel jong uit.
- blondblond
Het kind heeft blond haar.
- de baardthe beard
Mijn vader heeft een grijze baard.
- eruitziento look (like)
Je ziet er moe uit vandaag.
- lijken opto look like
Mijn dochter lijkt op haar moeder.
Zeggen waar je pijn hebt
Bij de huisarts gebruik je vaak dezelfde zinnen. Met deze vier kom je al ver.
- Mijn hoofd doet pijn.
- doet pijn: bij één lichaamsdeel
- Mijn voeten doen pijn.
- doen pijn: bij meer dan één
- Ik heb pijn in mijn rug.
- pijn in + mijn + lichaamsdeel
- Ik heb buikpijn.
- ook: hoofdpijn, keelpijn, rugpijn
cursus.nl
Meer woorden leren met Inburgeringscursus.nl
Deze woorden komen uit de woordtrainer van Inburgeringscursus.nl, een online cursus voor het inburgeringsexamen. Op deze site oefen je per thema. In de cursus oefen je alle woorden, van A2 tot B2.
- Ruim 3.000 woorden, met uitspraak bij elk woord en elke zin.
- Elk woord komt terug op het moment dat je het bijna vergeet.
- Je ziet welke woorden je nog lastig vindt.
De cursus is betaald. De woordenlijsten op deze site blijven gratis.
Bekijk de cursusInburgeringsexamen.nl is de gratis gids van Inburgeringscursus.nl.